Een uitgave van het Vlaams Komitee voor Brussel

De Brusselse Post | februari 2022

Bernard Daelemans

Bernard Daelemans

Voorzitter Vlaams Komitee voor Brussel

De toepassing van de taalwetgeving is een oud zeer in Brussel

Geen staatshervorming maar stadshervorming

Enkele weken geleden organiseerde het Vlaams Belang een digitale studiedag over Brussel. Opmerkelijke gastsprekers waren professor Jan Degadt (erevoorzitter VKB) en Daniel Buyle, gewezen journalist, SP-politicus en voormalig griffier van de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie. Beide sprekers bezwoeren het publiek om zeker niet mee te gaan in het idee om van Brussel een vierde gewest te maken. Dat zou niet alleen voor de Brusselse Vlamingen maar ook voor Brussel in het algemeen geen goede zaak zijn, aangezien een dergelijke constructie niet verzoenbaar is met de hoofdstedelijke functie en Brussel bijgevolg de financiering van zijn hoofdstedelijke taken zou verliezen.

Brussel tweetalig stadsgewest                                

Brussel heeft geen staatshervorming nodig maar een stadshervorming, klonk het. Fusioneer de gemeenten en politiezones voor een efficiënter bestuur. Op termijn streeft het Vlaams Belang naar Vlaamse onafhankelijkheid, waarbij Brussel als een tweetalig stadsgewest mét bestuurlijke garanties voor de Vlamingen integreert in de nieuwe staat, aldus kamerlid Barbara Pas.

Een oud zeer is natuurlijk de toepassing van de taalwetgeving. In dat verband pleitte mevrouw Pas voor de omvorming van de Vaste Commissie voor Taaltoezicht tot een echte rechtbank met magistraten die Brusselse besturen effectief kunnen sanctioneren bij niet-respect voor de taalwetgeving.

Het is niet het eerste voorstel om de ‘papieren tijger’ die de taalwetgeving is toepasbaar te maken. Enkele jaren geleden legden de kamerleden Hendrik Vuye en Veerle Wouters nog een wetsvoorstel neer om de rol van de vicegouverneur van Brussel te versterken. Die kan vandaag de dag alleen schorsingen uitvaardigen tegen niet-tweetalige personeelsleden bij Brusselse overheidsdiensten, die echter pas effectief worden wanneer de Brusselse regering ze bekrachtigt.

1.843 onwettige benoemingen

De Franstalige ministers in de Brusselse regering hebben dit echter altijd geweigerd en de Vlaamse  ministers maakten er nooit een punt van. Het laatste jaarrapport van de vicegouverneur maakt gewag van niet minder dan 1.843 onwettige benoemingen – op één jaar tijd dus.

Met enige regelmaat plaatst de oppositie dit onderwerp op de agenda maar de Vlaamse bestuurspartijen in Brussel schermen altijd met het argument van de ‘continuïteit van de dienst’ omdat tweetaligen moeilijk te vinden zijn, een argument dat toenmalig minister van Binnenlandse zaken Jan Jambon (N-VA) trouwens overnam toen het ging over de politieagenten in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, die federaal werden gerekruteerd.

 

De Brusselse bestuurders moeten de tweetaligheid ernstig nemen

In Antwerpen slaagde burgemeester Bart De Wever erin de aanwerving van allochtone politieagenten op te trekken van 1% tot 20%. Om dat te bereiken investeerde de stad Antwerpen fors in vorming, zodat deze rekruten konden slagen voor het politie-examen. Mutatis mutandis moet die in Brussel ook mogelijk zijn wat de tweetaligheid betreft.

Het is tijd dat de Brusselse bestuurders de tweetaligheid ook ernstig gaan nemen en beleid voeren om die te bereiken. Het feit dat elke aanzet tot debat vanuit de oppositie telkens wordt weggewuifd door de Vlaams-Brusselse meerderheidspartijen is niet van aard om stappen vooruit te zetten.

Prof. Em. Jan Degadt

Prof. Em. Jan Degadt

Gast auteur Brusselse Post

Controle op de openbare financiën: de schuldgraad neemt fors toe

Merkwaardige Brusselse cijfers

Wanneer je je belastingbrief trouw invult en braaf je belastingen betaalt, is er veel kans dat je onvoldoende beseft dat je hiermee toetreedt tot een van de machtigste belangengroepen van het land. Inderdaad, de hele staatsconstructie kan niet voort zonder belastingbetalers. Als er een haar in de boter is tussen de overheid en de belastingbetalers, zijn de gevolgen niet te overzien. Dat was vroeger ook het geval.

De hertog van Alva is een van de minst populaire figuren uit onze geschiedenis. Zijn slechte reputatie steunt vooral op zijn onverdraagzame godsdienstpolitiek of zijn wreedaardige repressie maar toch ook wel op fiscaal beleid. Zijn bekendste maatregel, en ook aanleiding tot heel wat heibel, was de Tiende Penning. Ook in onze buurlanden kon een opstand van de belastingbetalers grote gevolgen hebben. De Franse Revolutie is goed en wel begonnen nadat de koning de Staten-Generaal moest bijeenroepen … omdat hij geld nodig had.

Politieke keuzes maken

Niemand betaalt graag belastingen. Daarom is het in een democratie gebruikelijk dat belastingwetten en begrotingswetten (of -decreten of -ordonnanties) moeten worden goedgekeurd door een democratisch verkozen parlement. Een begroting is een schatting van de inkomsten en uitgaven van het volgende jaar. Bij het opmaken van de begroting worden politieke keuzes gemaakt. Welke uitgaven krijgen prioriteit? Moet men bij een deficit besparen op de uitgaven of de belastingen verhogen? Naast de begroting voor het volgende jaar is er ook de afrekening van het voorbije jaar. Ook deze afrekening moet door het parlement worden bekrachtigd.

De taken van het Rekenhof

In tegenstelling tot wat velen denken is het Rekenhof geen administratieve dienst van de uitvoerende macht en het is evenmin een tak van de rechterlijke macht. Het is een agentschap van het parlement, dus de wetgevende macht. Het Rekenhof controleert of de ingediende begrotingen en rekeningen correct zijn en rapporteert aan het parlement, dat dan finaal beslist over al dan niet goedkeuring. Overigens heeft het Rekenhof ook een aantal andere opdrachten.

Brusselse geldstromen

Volgens het BISA (Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse, onze huisleverancier van interessante statistieken over Brussel) en op basis van gegevens van het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) van de Nationale Bank had het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG) in 2019 ontvangsten voor een totaal bedrag van 4915 miljoen euro.

De uitgaven bedroegen 5531 miljoen euro, waarvan (afgerond) 80% lopende uitgaven of werkingsuitgaven, 19% kapitaaluitgaven of investeringen en 1% rentelasten. In de financiële verslaggeving van het BHG zijn ook een aantal gewestelijke autonome instellingen geïntegreerd zoals bijvoorbeeld de Haven of Actiris. Niet inbegrepen zijn de gemeenten, de politiezones en de gemeenschapscommissies.

Een slecht rapport van het Rekenhof is politiek heel onaangenaam.

Tsunami van schulden

Een slecht rapport van het Rekenhof is politiek heel onaangenaam. Dat is wat de Brusselse Regering is overkomen op 28 oktober 2021. Op die dag heeft het Rekenhof zijn ‘26ste Boek’ over de rekeningen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) voorgelegd aan de parlementaire instanties. Het was een heel kritisch rapport. Het Rekenhof onthield zich ervan om een oordeel te formuleren over de algemene rekening 2020 van de gewestelijke entiteit. De algemene rekening 2020 van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie kreeg een afkeurend oordeel.

Er zijn toen heel wat zwartepieten doorgeschoven tussen regering, politieke meerderheid, parlementaire oppositie, de administratie en de media. Wij houden het hier bij één enkel, maar zeer belangrijk item: de onrustwekkende toename van de gewestelijke openbare schuld.

De verhouding van de geconsolideerde brutoschuld (gedefinieerd door het INR) tot de totale ontvangsten (volgens Europese definitie) is toegenomen van 97,1% in 2016 over 130,2% in 2019 tot 179,3% in 2020!

Uiteraard heeft Brussel een punt door erop te wijzen dat er ook in de federale staat en de andere deelstaten een probleem is. Zelfs Vlaanderen moet zijn schuldpositie in de gaten houden. Bij een te hoge schuldgraad moeten niet alleen de te hoge schulden worden terugbetaald. Er zijn ook de interesten. Vandaag zijn de interestvoeten zeer laag maar niets garandeert dat het zo zal blijven.

En er is meer. De hoogte van de interestvoet wordt bepaald door de rating die de schuldenaar krijgt van gespecialiseerde bureaus. Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is dat Standard & Poor’s. Bij een lagere rating wordt de interestvoet hoger. Dat is net wat met Brussel gebeurd is in maart 2021.

Meer afbetalen in de toekomst

Wij citeren het Rekenhof: “In maart 2021 verlaagde een buitenlands ratingbureau de rating van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ingevolge de gecombineerde effecten van de negatieve impact van de COVID-19-pandemie en van de kosten van de strategische investeringen op de financiële resultaten van 2020 (daling van de ontvangsten en stijging van de uitgaven), waardoor de schuld sterk toenam. Volgens het agentschap zullen de effecten in 2021 vergelijkbaar zijn.” Het Rekenhof citeert de bevoegde administratie: “enerzijds dat de aflossing van de schuld relatief stabiel blijft ondanks de stijging van de schuld, en anderzijds dat de rating andermaal zou kunnen worden verlaagd als de verwachte daling van het begrotingstekort er niet komt, waardoor de schuld gestaag zou blijven toenemen.” Anders uitgedrukt: het BHG zal in de toekomst meer moeten afbetalen.

Schuldenprobleem niet snel oplosbaar

Vooraleer af te ronden richten wij nog even de focus op het vervolg van het verhaal. Op 10 november 2021 heeft het Rekenhof zijn commentaren gegeven over de aanpassingen van de begroting 2021 en de begroting 2022. Wij pikken hier enkele beschouwingen uit over de evolutie van de schuld. “De directe schuld van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is geëvolueerd van 3,4 miljard euro op 31 december 2018 naar 5,8 miljard euro op 31 december 2020, d.i. een stijging met +73,2% (+2,5 miljard euro) in een periode van twee dienstjaren. Gelet op de toename van de schuldgraad met naar schatting 1,8 miljard euro in 2021 en 1,0 miljard euro in 2022, volgens het meerjarentraject van het gewest, zou de directe schuld op het einde van 2022 kunnen oplopen tot 8,6 miljard euro.”

Het ziet er dus niet naar uit dat het schuldprobleem snel opgelost zal geraken. Dat beseft ook het Rekenhof. “Zoals het Rekenhof aanhaalde in zijn 26ste Boek, bestaat er een verband tussen de toename van de directe schuld en de gecumuleerde begrotingstekorten van de DBHR. Het stelt vast dat het nettobegrotingssaldo zoals dat naar voren komt uit de ontwerpen van aangepaste begrotingen 2021 van de DBHR, een tekort van 2,3 miljard euro vertoont. De verwachte toename van de schuld in 2021 (+1,8 miljard euro) zou onderschat kunnen zijn.” Met DBHR worden de Diensten van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering bedoeld.

Conclusie

Dat brengt mij meteen bij mijn conclusie: in tegenstelling tot wat velen denken was de financiële toestand van het Brussels Gewest tot in het recente verleden helemaal niet zo slecht. De recente evolutie, met een combinatie van stijgende rentevoeten, hogere schuldgraad en mogelijk lagere rating zou echter alarmbellen doen rinkelen.

Brussel, maan Brussel

 

De leste ket aaft zaan and on zaan èt

en ei vrôgt ëm stillekes af: “ik kan ni mei,

ik zen ee toeës pesees ën vrumde loeës,

dad ès straf want da was ee maane cotei”.

 

“Brussel wô zedde gaa, wad ès da naa mè aa?

Ik erken maa ee neevrans nemie,

Ik luup rond in maan strôt, gien ketjes, giene môt,

kapot van nostalgie…”

 

Brussel, maan Brussel, wo gôdde gaa ène,

wad emme ze naa van aa weial gemokt?

altaaid sans gène al dee franse rengaine 

de ket weud domei wei in zaan  zeel gerokt.

 

Neie ‘k wil da nemi, al daan franse sji-sji,

ët zit maa al lang tot ee,

’s oves raaie ze voesj, mè uile sjikke koesj,

op maan champs-élysées…

 

Brussel, maan Brussel, ô stoem kunde zaain?

wô da gaa aa ketjes zëlf discrimineit…

ja, al dei ander dee vinne da faain,

z’ emmen ee allemô uile koekoeks-aar geleid.

 

Ze komme van ouveral, môke van ’t stad ne stal,

ge mô oplette wo da ge passeit,

dô komme nog vodde van, mè Jan en alleman,

dad ès “fun” zugezeid…

 

‘k zeen nemi kleir, ‘k zit vanêr in de scheir,

in maan aige strôt zen ‘k ni op maa gemak…

Brussel, maan Brussel valt naa ni oemvèr,

z’ emme ’t ketje vui altaaid  in uile zak.

Deel de Brusselse Post op al je sociale media kanalen

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on pinterest
Pinterest
Share on telegram
Telegram
Share on whatsapp
WhatsApp
Share on email
Email

Meer Brusselse Post

odisee

De Brusselse Post | juli 2022

HAAL HIER EEN PDF VAN DE BRUSSELSE POST OP Louis Paul Boonkring-debat over Brussel Progressieven debatteren over staatshervorming De Brusselse Louis Paul Boonkring organiseerde onlangs

Lees verder »

De Brusselse Post | mei 2022

Het Vlaamse socialistische OCMW-raadslid uit Anderlecht Fahim De Leener pleit voor een 20ste OCMW in Brussel, een OCMW voor de Nederlandstalige Brusselaars. De dienstverlening voor Nederlandstaligen is in de Brusselse OCMW’s immers ondermaats.

Lees verder »

De Brusselse Post | april 2022

Al sinds zijn oprichting in 1989 was duidelijk dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest nooit zelfbedruipend kon zijn. Daarom werd van meet af aan al een structurele jaarlijkse financiële injectie van federaal geld voorzien.

Lees verder »

Deze webstek gebruikt cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren.